Een veldgids voor fruit op Madagaskar

Een veldgids voor fruit op Madagaskar

Maroamboka, zo heet ons dorp. Het ligt in het zuid-oosten van Madagaskar tussen de kust plaatsen Mananjary en Manakara. Ons gebied is rijk aan koffie, vanille en… fruit!

We hebben nog nooit zo veel verschillende fruitsoorten gegeten als hier op Madagaskar. Dat begon toen we nog in de hoofdstad, Antananarivo, woonden. Maar nu, in Maroamboka, bestaat een groot deel van ons dieet uit fruit. Groenten daarentegen is schaars. Voor groenten moeten we echt het gebied uit.

Al langere tijd wilden we een post schrijven over het fruit dat wij tot onze beschikking hebben. Ook zullen we fruitsoorten laten zien die we in onze reizen op Madagaskar zijn tegen gekomen.

De bedoeling is om zo nu en dan deze post te updaten met nieuwe vruchten want we hebben nog lang niet alle vruchten genoemd.


Sweet sour juice from Soursop on MadagascarEngels: Soursop
Malagasy: Corossol of Voantsokona
Nederlands: Zuurzak
https://nl.wikipedia.org/wiki/Zuurzak
https://en.wikipedia.org/wiki/Soursop

Dit is een familielid van de Zoetzak, maar wordt niet op dezelfde manier gegeten. Hier wordt het voornamelijk gebruikt om heerlijke jus naturel van te maken. Wij eten ze bijna dagelijks in het seizoen. Ze hebben een beetje een kauwgomballensmaak en zijn heerlijk zoet/zuur van smaak.


Sweet custart apple, sugar-apple or sweetsop on MadagascarEngels: custart apple, sugar-apple or sweetsop
Malagasy: pocanelle, konikony, voanjato of voazato
Nederlands: Zoetzak
https://nl.wikipedia.org/wiki/Zoetzak
https://en.wikipedia.org/wiki/Annona_squamosa

De Malagasy naam, voanjato, vertaalt zich letterlijk als ‘honderd zaden’ De vrucht is romig en gevuld met tientallen zwarte zaden ter grootte van een boon. Het is een gedoe met eten omdat je al die pitten weer moet uitspugen maar als je eenmaal begint te eten kun je niet meer stoppen! Lekker zoet met een een vanillepuddingachtige smaak.

Sweet custart apple, sugar-apple or sweetsop on Madagascar


Guava fruit MadagascarEngels: Guava
Malagasy: goavy, angavo
Nederlands: Guava
https://en.wikipedia.org/wiki/Guava

Ik weet niet of er een Nederlandse naam voor is dus noemen we dit vruchtje gewoon ‘Guava’ en in ons dorp ‘Goavy’ (kwoe-waavie). De vrucht eet je in zijn geheel en is zuur van smaak. Het zit stamvol met kleine pitjes die je gewoon moet doorslikken. De Guava’s komen in twee kleuren: geel/groen en roodachtig. De rode, afbeelding hieronder, (Engelse naam: Strawberry apple) zijn wat taaier maar de smaak lijkt hetzelfde.

Strawberry apple Madagascar


Delicious Jackfruit hanging in the trees on madagascarEngels: Jackfruit
Malagasy: apaly be of ampalibe
Nederlands: Nanka of Jackfruit
https://nl.wikipedia.org/wiki/Nangka
https://en.wikipedia.org/wiki/Jackfruit

Nanka’s zijn de reuzen onder de fruitsoorten. Ze kunnen wel tot 10 kilo per stuk wegen! Kinderen klimmen in de bomen om de vruchten af te snijden. Zorg dat je er niet onder staat als de vrucht naar beneden komt. Vaak rollen ze de vruchten naar huis. Het pad voor ons huis is stijl en je moet maken dat je wegkomt als ze de Nanka naar beneden laten stuiteren. Het vruchtvlees is zacht en de pitten kun je koken en bijvoorbeeld in een salade verwerken. De Malagasy koken de vruchten als ze nog niet rijp zijn. De brei wordt dan met zout bereidt en met rijst gegeten. De vruchten scheiden een lijmachtige substantie af dat sterk doet denken aan lobbige houtlijm. Een vreselijk goedje als je het in je haar of op je kleren krijgt. We gebruiken zout, gemengt met peteroleum, om onze handen te wassen en het gebruikte servies te wassen. Vaak rijpt de vrucht sneller dan wij het kunnen eten. Het vruchtvlees is dan ontzettend zoet met een prikkelend effect op je tong (alcohol).

Jackfruit delicious on madagascar


Loquat of MadagascarEngels: Loquat
Malagasy: Pibasy
Nederlands: Loquat
https://nl.wikipedia.org/wiki/Loquat
https://en.wikipedia.org/wiki/Loquat

Deze boom stond in onze ‘achtertuin’. De vruchtjes hebben een perzikkleurig vruchtvlees met een grote glanzende bruine pit. Ze zijn een beetje zurig van smaak. We kopen ze het liefst als we ze langs de weg zien of op de markt. De boom achter ons huis was niet zo’n success omdat de mieren er hun favoriete werkplaats van gemaakt hadden en ze waren van mening dat niets of niemand er iets te zoeken had.


Lychees of MadagascarEngels: Lychee / Rambutan
Malagasy: letchi
Nederlands: Lychee / Ramboetan
https://nl.wikipedia.org/wiki/Lychee https://nl.wikipedia.org/wiki/Ramboetan
https://en.wikipedia.org/wiki/Lychee https://en.wikipedia.org/wiki/Rambutan

De smaak is heerlijk en bijna verslavend. We kenden de Lychees natuurlijk in Nederlands als een luxe produkt maar bij ons groeien ze zo’n beetje overal. In het seizoen, eind oktober tot januari, wordt de markt er mee overspoelt. Zijn ze op de markt al goedkoop (€0,75 per kilo), bij ons in het gebied betalen we voor een grote boodschappentas vol misschien maar €0,25. Vaak hebben we zo veel in huis dat we tegen de mensen moeten zeggen dat we ze niet kopen… Daar zitten ze dan met hun ‘waar’. Geen nood! We hoeven niets te betalen want op dat moment wordt het ons gegeven als geschenk.
Naast de gewone Lychees zijn er ook de harige Lychees (Ramboetan). Deze zien we in ons gebied wat minder. Ze zijn wat harder en minder sappig en zoet.
Rambutan, chineese lychee on Madagascar


Sweet Mango of MadagascarEngels: Mango
Malagasy: Manga
Nederlands: Mango
https://nl.wikipedia.org/wiki/Mango_(soort)
https://en.wikipedia.org/wiki/Mango

Mango’s zijn rijp in december / januari en net zoals het meeste fruit ontzettend goedkoop (€0,05/0,12 per stuk in de steden). In ons dorp betalen we (als we al moeten betalen) zo’n €0,02 per stuk. Ik weet niet zeker welke variëteit mango dit is (er zijn heel veel soorten). Wij zien in ons gebied vooral de rood en groen kleurige Mangos maar op de markt komen we ook gele Mangos tegen.


Makoba, mountain apples of MadagascarEngels: Mountain Apple
Malagasy: Makoba
Nederlands: Djamboe bol, Maleisische rozenappel of Maleisische wasappel
https://nl.wikipedia.org/wiki/Djamboe_bol
https://en.wikipedia.org/wiki/Syzygium_malaccense

Deze, uit Maleisië afkomstige, vrucht lijkt in smaak niet op een appel zoals wij die kennen. De smaak is wat flauw. De vrucht is sponzig en waterig, het zijn goede dorstlessers. We eten deze vruchten vooral als we onderweg zijn. Langs de kanten van de weg worden ze verkocht. In ons gebied heb ik ze nog niet gezien.


Passionfruit can be enoying but the taste greatEngels: Passionfruit
Malagasy: Giranadela
Nederlands: Passievrucht
https://nl.wikipedia.org/wiki/Passiflora_edulis
https://en.wikipedia.org/wiki/Passiflora_edulis

We hebben hier twee soorten passievrucht: De grotere met de gele schil en iets kleinere met paars/rode schil. De Malagasy maken er graag sap van (Jus Naturel). Heel lekker als het warm is en je toe bent aan een verfrissend glas drinken. De passievrucht groeit her en der door ons gebied. Achter onze wc hebben we er één gedeeltelijk verwijderd . De passievrucht groeit aan ranken. Deze ranken hebben andere planten, struiken en bomen nodig voor ondersteuning. Als je ze laat gaan beginnen ze te woekeren en is er geen doorkomen meer aan. Maar ja, ze zijn heerlijk (erg zuur, dat wel) en de bloemen zijn mooi. Weghalen is dan altijd weer zo’n afweging waar je nooit helemaal zeker van bent.

Passionfruit can be enoying but the taste great


Engels: Papaya
Malagasy: Papay
Nederlands: Papaja
https://nl.wikipedia.org/wiki/Papaja
https://en.wikipedia.org/wiki/Papaya

Er groeien niet heel veel Papajas in ons gebied maar zo nu en dan kunnen we er één scoren. In de steden kan je ze overal kopen. De kinderen zijn er niet zo gek op… We hebben ze iets te vaak gegeten. Dat begon al in 2015 toen we eerst een drie weekse cursus in Kenia kregen voordat we doorvlogen naar Madagaskar. Elke maaltijd (ochtend, middag en avond) was er Papaja. Eenmaal op Madagaskar was er weer Papaja! Soms krijgen we Papaja als geschenk. Vruchten zo groot als een basketbal. De kinderen zeggen vriendelijk en welgemanierd ‘dankuwel’ tegen de gevers om vervolgens in het Nederlands te zeggen: ‘Paaaa, ze hebben weer zo’n ding gebracht’.
Papaya market on Madagascar


Huge banana trees in our graden on madagascarEngels: Banana
Malagasy: Akondro of fontsy
Nederlands: Banaan
https://nl.wikipedia.org/wiki/Banaan_(vrucht)
https://en.wikipedia.org/wiki/Banana

Bananenpuree, bananenbrood, bananenpap, bananen op pizza, banenen door de spaghettisaus, bananen… Overal! We hebben meerdere bananenbomen naast het huis staan. Ze groeien als kool en soms hakken we ze om omdat ze dreigen om te vallen in Katja’s moestuin of op het dak van de wasruimte. Bananen kopen we ook van mensen aan de deur, drie grote of zes kleine voor 0.02€ het hele jaar door. We lusten er wel pap van. Als je eenmaal de bananen op Madagaskar hebt gegeten vallen de bananen in Nederland wat betreft smaak tegen. Romig en zoet!

Huge banana bunch on Madagascar


Engels: Avocado
Malagasy: Zavoka
Nederlands: Avocado
https://nl.wikipedia.org/wiki/Avocado
https://en.wikipedia.org/wiki/Avocado

Net als de Papajas groeien er bij ons niet zo veel Avocados. Het seizoen loopt van januari tot en met April. Op de wat grotere markten zijn ze beter te krijgen en kosten daar zo’n beetje €0,10 per stuk. Ook deze vrucht is niet favoriet bij de kinderen maar wij vinden ze heerlijk. Ze zijn erg gezond bovendien dus als ze er zijn houden wij ons aanbevolen.

Avacodo from Madagascar


Baobab fruit from MadagascarEngels: Baobab
Malagasy: Baobab
Nederlands: Baobab
https://nl.wikipedia.org/wiki/Baobab
https://en.wikipedia.org/wiki/Adansonia

Sinds oktober 2019 groeien deze wonderlijk bomen ook bij ons. Op één van onze reizen naar de hoofdstad kwamen we de vruchten tegen. We hadden het nog nooit gehad en voor €0,20 per vrucht wilden we het wel eens proberen. De vrucht heeft een harde, fluwelachtige buitenkant en is gevuld met zaden die zijn omgeven met droog bijna kalkachtig vlees. De smaak is wat flauw maar we hebben gehoord dat er ook wel vruchtensap van gemaakt wordt (Jus Naturel). De zaden hebben we bewaard en thuis opgekweekt. Van de 40 zaden onkiemde er 30 en zijn er 4 sterk genoeg gebleken om de aanvallen van slakken, kippen en slagregens te doorstaan. Ze groeien nu op een stukje grond achter onze wc. Wie weet hebben wij over 100 jaar ook een Baobab laan net als in Morondava.

De Allée des baobabs (Avenue of the Baobabs) Morondava, Madagascar


Breadfruit MadagascarEngels: Breadfruit
Malagasy: Frampay, Soanambo of Sirapay
Nederlands: Broodboom
https://nl.wikipedia.org/wiki/Broodboom_(Moraceae)
https://en.wikipedia.org/wiki/Breadfruit

Deze vruchten zijn niet zoet en hebben een zetmeelachtig vlees dat tijdens het koken zacht en aardappelachtig wordt. Bij ons zijn ze goedkoop want er zijn er gewoon heel veel van. Ze worden gekookt met zout en vaak als tussendoortje gegeten. Voor de grotere maaltijden worden ze gepureerd en met kruiden geserveerd als bijgerecht. Wij eten ze bij voorkeur niet. De vrucht valt slecht en veroorzaakt buikpijn bij sommigen in ons gezin. Ik (Jurgen) krijg het regelmatig aangeboden als ik op bezoek ben. Zelf vind ik het wel aardig. Mogelijk bereiden we de vrucht niet goed, ik zou het niet weten. Je schijnt er ook patatjes van te kunnen maken. Dat zouden dan nog best gezonde patatjes worden want de vrucht bevat veel vezels, vitamine C en kalium.


big pineapples on madagascarEngels: Pineapple
Malagasy: Mananasy
Nederlands: Ananas
https://nl.wikipedia.org/wiki/Ananas
https://en.wikipedia.org/wiki/Pineapple

Heerlijk! Ananas is zo lekker. Bij ons groeien ze volop en we hebben er diversen rondom het huis gepland. Ananas (net als de bananen) smaken zo veel beter dan wat we in Nederland gewend zijn. Op de markten zijn het niet de goedkoopste vruchten. Een grote kost dan al snel €1,–. Dat is voor sommige mensen in ons dorp een dagloon. Toeristen betalen blij het dubbele want vergeleken met wat ze in Europa kosten is dat nog steeds goedkoop. Op een keer stond ik met een blije toerist uit Nederland te praten. Hij had net van dat lieve jongetje een grote Ananas gekocht voor ‘maar’ €2,–. Terwijl we zo aan het praten waren gebaarde dat jongetje en ik wat over en weer en voordat de toerist het wist had ik ook een grote Ananas in mijn handen. Hij snapte niet goed wat er was gebeurd. In Nederland moet je vooral praten, op Madagaskar kom je een heel eind met lippen tuiten, fronsen en knikken. Ik kreeg de Ananas voor de normale Malagasy prijs, €0,75.

Pineapple growing in our garden on madagascar


June plum or amarella fruit MadagascarEngels: June plum of Ambarella
Malagasy: Sakoa of Jovia
Nederlands: Ambarella
https://nl.wikipedia.org/wiki/Ambarella
https://en.wikipedia.org/wiki/Spondias_dulcis

We krijgen regelmatig verkopers aan de deur met deze vruchten. Ze kosten €0,05 per drie. Het is wel oppassen want ze worden regelmatig onrijp geplukt en dan zijn ze niet zo lekker. Ze zien er van buiten een beetje lelijk uit, maar de binnenkant is zoetgeel vlees dat een stekelige put omringt, waar je omheen eet. De smaak is een combinatie van sinaasappel en mango. We eten ze gewoon zo maar ook op brood of in een salade.


Engels: Coconut
Malagasy: coco of Voanio
Nederlands: Kokosnoot
https://nl.wikipedia.org/wiki/Kokospalm
https://en.wikipedia.org/wiki/Coconut

Kokosnoten zijn vooral in de kustplaatsen volop te krijgen. Men serveert ze met een rietje of ze gieten de inhoud in een glas. Na afloop hakken ze dan de noot verder open zodat je het vruchtvlees kan opeten. In ons dorp staan twee bomen op het erf van onze vrienden. zo nu en dan krijgen we er een paar van.

coconut tree Madagascar


Dichtbij en toch ver weg

Dichtbij en toch ver weg

Tja, daar zitten we dan. Eindelijk terug in Nederland. Eindelijk verlof. Even lekker genieten van alle luxe en dingen doen die anders niet kunnen. Naar het theater; bioscoop; op bezoek bij familie en vrienden; presentaties en woordverkondigingen verzorgen; naar het zwembad; musea en ga zo maar door. Maar nee, in plaatst van leuke gesprekken hebben we het vooral over die ellendige pandemie veroorzaakt door Covit-19 (SARS-CoV-2) oftewel het Corona virus. Een virus, waarvan de familie niet onbekend was, maar zich vooralsnog beperkte tot de Aziatische streken.

Hoe we ons voelen? Dat wordt regelmatig gevraagd. Nou ja, teleurgesteld natuurlijk! Verdrietig ook. Zowel Katja’s ouders als die van mij (Jurgen) lopen alle vier tegen de 80 en zijn ook vanwege gezondheid een risicogroep. Op het moment van schrijven maken zij het goed en daar zijn we dankbaar voor. Maar wat een verdrietige toestand voor zo veel anderen.

Ons gezin komt hier wel weer bovenop. In Maroamboka leven we ook redelijk geïsoleerd en zijn dus wel wat gewend. Thuisonderwijs? Voor ons niet nieuw. Niet zomaar even naar de supermarkt? Ook niet vreemd. Dagen in huis zitten? Tijdens het regenseizoen is dat de regel. Geen wc papier? …Dat hebben wij in Maroamboka niet eens.

Maar dan de medelanders. Een gevoel van paniek, machteloosheid en ontgoocheling. Dit waren we in Nederland niet meer gewend. Wat nu? Alles wat zo gewoon was kan niet meer. De hele dag berichtjes op je telefoon schrijven en lezen gaat ook vervelen. En wat nu als ik het virus ook krijg?

Toch prijzen wij ons gelukkig dat we juist nu in Nederland zijn. De zaken zijn hier geregeld. De ziekenzorg krijgt de hoogste prioriteit. Het sociale vangnet voor gedupeerden kan veel klappen opvangen. Stel nu dat men ziek wordt dan kan men nog steeds de zorg krijgen die men nodig heeft. We mogen ook nog gewoon boodschappen doen en, als iedereen ff normaal doet, is er voldoende. Zoals Rutte zei: “Er is zoveel [wc papier], we kunnen [met zijn allen] tien jaar poepen”.

Met verdriet en zorg in ons hart volgen wij de situatie op Madagaskar. Hoe anders is het daar! Social distance? Wow, ben je wel eens op de markt geweest in een willekeurig stadje. Of heb je wel eens gezien hoe mensen leven? De meeste woningen in een grote stad zijn niet te betalen dus wonen mensen met het hele gezin in kamers. Daar kunnen ze slapen en schuilen voor de regen maar oom daar de gehele dag in te zitten brengt grotere gevaren met zich mee dan Corona. Alles, maar dan ook alles is sociaal op Madagaskar. Het is oneerlijk om te roepen dat ze daar maar even mee moeten ophouden. Dat zou zoiets zijn als het verbieden van het gebruik van internet door particulieren. Laat dat even tot je door dringen.

Gisteravond lazen we het persbericht van President Rajoelina. Veel mensen vinden het een grote boef. Maar nu lijkt het er toch op dat deze boef de zaak Corona heel serieus neemt. Er zijn nu 12 besmette mensen bekend en ze zijn allemaal geïsoleerd. Ongekende maatregelen zijn getroffen. De hoofdstad, Antananarivo, en de grote haven, Tamatave, zijn compleet afgesloten. Geen openbaar vervoer; gezondheids controle punten; Alle kleine winkels een marktjes dicht; Mensen mogen alleen in hun eigen wijk boodschappen doen (1 persoon per huishouden); Verboden om je buiten te begeven tussen 20:00 en 05:00; de voedselprijzen zijn bevroren op straffe van een boete. President Rajoelina spreekt het volk elke avond toe. Om 20:00 op de nationale zender kunnen de Malagasy op de hoogte blijven wat betreft de huidige situatie. Madagaskar is geen onbekende met epidemieën, denk aan de bijna jaarlijkse uitbraken van de pest. Laten we bidden dat de regering ook deze epidemie kan beteugelen.

Ons hart gaat uit naar de Malagasy. Vanwege de vaak slechte omstandigheden waarin men leeft zijn zelfs jonge mensen bevattelijk. Ze ogen sterk. Ze sjouwen 50kg rijst op hun schouders. Maar eenzijdige voeding en onhygiënische, met ratten en parasieten geplaagde woningen, is vragen om een zwak immuunsysteem. Daar komt bij dat veel Malagasy simpelweg doodsbang zijn en een zeer fatalistische houding hebben. Wij horen het maar al te vaak zeggen door onze Malagasy vrienden: “Tja, zo is het nu eenmaal. De Malagasy gaan nu eenmaal snel dood”. Wat doet het ons pijn als ze zo spreken. Wat zouden we graag zien dat ze moedig in het leven konden staan. Dat ze zich zouden beseffen hoeveel ze zelf aan hun ‘lot’ kunnen veranderen. En bovenal, dat ze zich zouden beseffen dat de Almachtige niet ver weg is. Dat Hij Zelf in Zijn Woord naar de wereld is gekomen om haar te redden. Redden van Corona? Redden van de pest? Mogelijk, maar nee, ik denk aan een stuk vrijmoedigheid die komt met het vertrouwen dat Jezus je gered heeft voor de eeuwigheid. Hier onder een citaat van Martin Luther in de tijd dat de pest rond ging als een brullende leeuw, verslindende wie hij maar verslinden kon:

“Ik zal God barmhartig vragen ons te beschermen. Dan zal ik alles ontsmetten, de lucht helpen zuiveren, medicijnen toedienen en zelf innemen. Ik zal plaatsen en personen vermijden waar mijn aanwezigheid niet nodig is zodat ik niet besmet raak en daardoor mogelijk anderen te belasten en te besmetten en zo hun dood te veroorzaken als gevolg van mijn nalatigheid. Als God mij tot Zich zou willen nemen, zal Hij mij zeker weten te vinden. Maar, dan heb ik gedaan wat Hij van mij verwachtte en daarom ben ik niet verantwoordelijk voor mijn eigen dood of de dood van anderen. Maar als mijn buren mij nodig hebben, zal ik die plaats of persoon niet vermijden, ik zal vrijuit gaan zoals ik hierboven heb vermeld. Kijk, dit is het godvrezende geloof dat we mogen hebben omdat het noch hoogmoedig noch onbezonnen is en ook verzoeken we God er niet mee.”

Luther’s Works; Vol. 43, pag. 132 (vertaling: Jurgen Hofmann, 2020).

Knus in de bus en andere verschillen

Knus in de bus en andere verschillen

We zijn hier nu bijna 2 maanden. Hoe ziet ons dagelijks leven in Tana eruit? Wat is anders? En wat is hetzelfde? We zetten het even op een rij.

Water – Rano

In ons huis hebben we stromend water uit de kraan. Dat is niet voor iedereen zo. Vele Malagasi halen water uit een tappunt langs de weg. Soms is die kraan van hen (er zit dan een slot op), soms is het een openbaar tappunt. Wij hebben dus water uit de kraan, maar echt betrouwbaar is dat niet. Met name in het regenseizoen ontbreekt de druk nogal eens. In de keuken hebben we dan ook 2 grote emmers met zo’n 15 liter water als reserve. Daar maken we regelmatig gebruik van.

Het water uit de kraan drinken we liever niet. Er kunnen teveel bacteriën, virussen of parasieten in zitten. Ook veel Malagasi gebruiken gefilterd water of kopen water voor omgerekend € 0,42 per anderhalve literfles. Eén van de klusjes van de kinderen is dan ook het waterfilter bijvullen, flessen vullen en koud zetten en de emmers met voorraad bijvullen.

De smaak van het water is niet geweldig. Ook na filteren smaakt het water lichtelijk naar zwembadwater. De kleur is veranderlijk. Soms komt er modderwater uit de kraan, maar meestal is het helder. Aan de fiters uit het waterfilter is duidelijk te zien dat er altijd wel wat rood stof – de grond van Madagascar heeft een terra cotta kleur – in zit.

Eten – Sakafo

Qua eetpatroon hebben wij niet veel veranderd. We eten nog steeds 2 maaltijden gebaseerd op granen (brood / pap) en een warme hap in de avond. Het kost wel iets meer moeite om de ingrediënten te krijgen. Voor broodbakmix moeten we een km of 10 reizen en voor meel zo’n 20 km. We bakken ons brood zelf, want donker brood is moeilijk te krijgen en is erg duur (ongeveer € 1,50 voor een half brood).

Het Malagasi dieet is gebaseerd op rijst. Sommige gezinnen eten het iedere maaltijd: vary (rijst) met loka (wat je bij de rijst eet). Het middagmaal is het meest uitgebreid. De ingrediënten voor een Malagasi maaltijd zijn overal te krijgen. Bijna iedere straat heeft meerdere kraampjes met groenten en fruit en ook kleine buurtwinkeltjes zijn goed vertegenwoordigd. De kosten daar zijn laag: een kilo tomaten of sperciebonen kost een cent of dertig.

Voordat we aan het koken beginnen moeten we de groenten en het fruit goed wassen. Niet zelden wordt de koopwaar op plastic zeilen, een halve meter van een vuilstort of open riool – uitgestald. Ofwel alle verse waar moet goed gespoeld worden met gefilterd water (kost veel water!) of 10 minuten weken in water met een druppel chloor. Dat laatste proef je gelukkig niet of nauwelijks.

De was – Manasa lamba

Wassen gebeurt in de meeste gezinnen op de hand. Wie een beetje geld heeft huurt daarvoor een mpanasa lamba, een wasvrouw, in. Wasmachines zijn wel te koop, maar voor dat geld kun je een wasvrouw 3 jaar lang aan een deeltijdbaan helpen. Gelukkig hebben wij een dame die ons tweemaal per week helpt met de was. Het wassen van onze kleding, handdoeken, luiers en linnen neemt per week meer dan een volle werkdag in beslag. Een nadeel van het wassen op de hand is dat kleding van al dat schrobben een stuk sneller slijt.

De was drogen we buiten aan de lijn. Het is duidelijk te zien dat de zon hier krachtig schijnt: de kleuren vervagen snel. Laatst deed Jurgen een zwart t-shirt aan waarvan we meteen zeiden dat goed te zien was dat hij dat shirt sinds ons vertrek uit Nederland nog niet gedragen had. De was droogt snel in de zon, maar nu het regenseizoen is zijn we vaak net te laat met het binnenhalen en is alles weer kletsnat – extra spoelen zeg maar.

Vervoer – Fiara

We hebben nog geen eigen fiara – voertuig – en daar zijn we blij om. Doordat we gebruik maken van de benenwagen en de bus maken we contact met mensen en leren we weer wat meer van de taal. Mensen verwonderen zich wanneer blanken gebruik maken van de bus of lopen, ze zijn er meer aan gewend dat blanken een eigen auto hebben of een taxi nemen.

In de bus is het knus. Voorin bij de chauffer zijn 2 zitplaatsen. Daarachter zijn 5 rijen met aan weerskanten 2 stoelen. In het gangpad kan een stoeltje naar beneden geklapt worden en zo heb je 28 personen aan capaciteit. Daarbij komt nog de ‘conducteur’ die de achterdeur bedient, roept waar de bus heen gaat en geld int, en dan nog de kinderen die op schoot zitten en de mensen die achterin en op de bumper staan. Tijdens drukke ritten blijken er zomaar 40 mensen mee te kunnen. Heuvel op moet er dan flink gas gegeven worden!

Lopen doen we als we naar de markt een paar kilometer verderop gaan. Voor de frisse neus hoeven we dat niet te doen, want er hangt veel smog in de lucht. Echt veilig is een wandeling langs de weg ook niet, want een stoep is er niet. Sommige Malagasi hebben een fiets, maar daar wagen wij ons niet aan, want ook fietspaden zijn er niet.

Reizen in een gewone auto is ook anders dan in Nederland. Gordels – als ze er al zijn – worden niet of nauwelijks gebruikt en speciale kinderstoeltjes zijn er niet. Het aantal mogelijke passagiers mag je ook hier ruim zien: in een normaal formaat auto passen makkelijk 3 volwassenen en 8 kinderen als je de achterbak gebruikt (een favoriete plek bij onze kinderen!).

De taal: Malagasy

Iets wat duidelijk anders is, is de taal. Malagasi is heel anders dan de Europese talen, afgezien van de vele Franse (bijna) leenwoorden als ‘fromage’, ‘tomobile’ en ‘broussi’. Gelukkig onthouden we steeds meer woorden. De zinsopbouw en grammatica is wel wat raadselachtig voor ons. Het onderwerp komt bijna altijd achteraan en werkwoorden worden alleen vervoegd voor verleden en toekomende tijd, maar niet voor het onderwerp. Er zijn veel voorzetsels van plaats om precies aan te kunnen geven waar iets is. Een favoriete zin van Katja is: ‘Manana zanaka dimy aho’, wat zich letterlijk laat vertalen als ‘Hebben eigen kinderen vijf ik.’

De Malagasi worden er heel erg blij van als we ons beperkte Malagasi laten horen. Ze lijken nog vrolijker te worden als Jurgen laat weten geen Frans te spreken. Zijn favoriete zin is: ‘Tsy mahay teny Frantsay i aho’, wat zich letterlijk laat vertalen als ‘Niet goed zijn in taal Frans ik.’ Ze vinden het fijn wanneer je je best doet om hun taal te gebruiken en erg complimenteus. We doen ons best de mensen vriendelijk te begroeten en daarin is het hier al net als thuis: de mensen worden er blij van en zien je graag.

School – sekoly

De meeste kinderen in Tana gaan gewoon naar school, al komt kinderarbeid hier en daar wel voor. De voorkeur van ouders is dat hun kinderen naar een privéschool gaan. De meerkosten daarvan bedragen ongeveer 7 euro per maand per kind. Daarmee zijn hun kinderen verzekerd van iedere werkdag school van ongeveer half 8 tot 12 en van 2 tot half 5. De openbare scholen staan niet zo goed aangeschreven omdat de leraeren niet altijd komen opdagen en de kwaliteit van de lessen laag ligt. Op woensdagmiddag zijn de kinderen hier ook vrij, maar middelbare scholieren hebben daarentegen ook les op zaterdagmorgen. Na school moet er nog een flinke portie huiswerk gemaakt worden. Kinderen maken dus lange dagen.

Naar aanleiding van het Malagasi ritme (vroeg opstaan, lange middagpauze en vroeg naar bed) heeft Katja de schooltijden van onze kinderen ook wat aangepast. Ze krijgen na de lunch rusttijd op hun bed en daarna les tot 4 uur. Het is tot nog toe een uitdaging om alle werk gedaan te krijgen. Er worden in ons huis vier talen geleerd (Nederlands, Engels, Duits en Malagasi) wat de nodige tijd kost. Ook zijn er veel onderbrekingen: we krijgen spontaan bezoek, gaan naar de markt, Siemen heeft aandacht nodig, etc.

Post – posta

Iets waar we wel erg aan moeten wennen is de post. Van de posterijen maken maar weinig Malagasi gebruik. Brievenbussen om post in te deponeren zijn we nog nergens tegengekomen. Postkantoren zijn ook erg dun gezaaid.

Om post te ontvangen hebben wij een postbus in de binnenstad. Iedere week haalt een teamlid de post op. Als er een pakket is binnengekomen moeten we dat persoonlijk gaan afhalen – een halve dag werk (zie vorige nieuwspagina). Post vanuit Nederland doet er ongeveer een maand over om hier aan te komen. Post naar Nederland zo’n drie à negen weken. Vanaf onze aankomst hebben we (vooral Abbey) al meerdere brieven verstuurd, maar sommige kwamen pas in januari aan.. We zijn erg dankbaar voor onze internetverbinding!

Twee ritjes naar de stad

Twee ritjes naar de stad

Katja heeft een paar weken geleden twee Nederlandse boeken besteld. Ze werden na15 Madagaskar verstuurd. Om het pakketje te halen moest Katja naar Analakely, Tana reizen (17km). Omdat alle bussen vol waren moest ze het eerste stuk met de taxi. Het tweede traject ging ze met de bus. Met een tweede bus arriveerde ze uiteindelijk in Analakely. Daar moest ze eerst een stuk bergopwaarts lopen om bij het postkantoor te komen. Hier kreeg ze een stempel en handtekening waarmee ze weer naar beneden moest voor een tweede postkantoor. Op dit kantoor wilde ze eerst nog haar paspoort zien en moest ze een handtekening zetten om vervolgens nog een stempel te krijgen. Samen met de stempels, handtekeningen en 2000 ariary kon ze haar pakket in ontvangst nemen. Gelukkig was er een bus die het hele eind in één keer terug reed. Al met al was Katja 4 uur zoet om een pakketje op te halen.

Vandaag gingen Vanya en ik (Jurgen) naar de apotheek in Akorondrano, Tana (14km). Daar hadden we de vaccinatie voor Siemen besteld. We vertrokken om 10 uur ’s ochtens met de bus. Dertig minuten later moesten we overstappen. We arriveerde om 12 uur bij de apotheek. We gingen eerst even snel naar de Jumbo (supermarkt) om volkorenmeel te kopen. Daarna liepen we terug om te ontdekken dat de apotheek tot 13:30 gesloten was. We kochten wat brood om te eten en hebben het afgewacht. Toen we de vaccinatie hadden wilden we weer terug naar Mandriambero. Alle bussen waren overvol en stopten niet voor meer mensen. Na een uur gewacht te hebben begon het te regenen en hebben we maar een taxi genomen. Net op tijd want het begon te hozen. De taxi was wat oud en er ontbrak een raam. Daarbij kwam ook nog dat het dak niet meewerkte in ons voordeel (lek). De taxi moest erg langzaam rijden omdat er anders water in de motor kwam. We hebben verschillende keren stil gestaan door toedoen van natte bougies… Al met al, arriveerde we thuis om 15:40 EN het beste van alles is dat we Siemen’s vaccinatie hebben. Het kostte ‘maar’ zes uurtjes om het te halen 🙂

Verslag eerste weken

Verslag eerste weken

ABO (Africa Based Orientation)
Na een 8 uur durende vlucht kwamen we op zaterdag 10 oktober even na 8 uur ’s avonds veilig aan in Nairobi. Na aankomst hebben we 3 nachten gelogeerd in het gastenhuis van AIM in Nairobi om vervolgens op dinsdag 13 oktober door te reizen naar Nakuru voor de conferentie.

We waren niet alleen! Totaal 22 volwassen en 28 kinderen—allemaal bereid om de Heer te dienen op heel verschillende plaatsen. Om de foto rechts beter te bekijken kunt u er op klikken. We hebben de eerste week stilgestaan bij de Afrikaanse cultuur en waarden. Een en ander werd gepresenteerd door een Afrikaan die jaren in Engeland heeft gewoond en zodoende ook de westerse cultuur en waarden begrijpt. Het was ook erg goed om te praten met de andere zendelingen waarvan sommige al meerdere maanden of jaren op het zendingsveld aanwezig waren. We hebben veel van elkaar geleerd.

Andere onderwerpen die aan bod kwamen waren het Afrikaanse wereldbeeld, veiligheid en gezond leven… Wat te doen als je gebeten wordt door een slang of wat zijn de symptomen van bepaalde parasieten. De laatste week hadden we het over hoe je als zendeling werkelijk verschil kunt maken en verdiepten we ons in wereldreligies.

Bezoek lokale kerk
De drie zondagen werden benut om plaatselijke kerken te bezoeken. Wij waren ingedeeld in een kleine AIC (Africa Inland Church). De eerste zondag hebben we ons voorgesteld en heeft Jurgen kort verteld hoe hij tot geloof is gekomen. Onze namen zijn minder makkelijk uit te spreken dus werd Jurgen al snel ‘babba Isaiah’ en Katja ‘mamma Isaiah’ (naar onze oudste zoon Issa, wat Swahili is voor Jesaja) genoemd. Gasten, met name mzungus (witte man), komen er niet zo makkelijk vanaf. Jurgen moest de week er op maar even de woordverkondiging doen en Katja had vast wel ideeën voor de zondagsschool.

Na de kerkdiensten werden we uitgenodigd om bij iemand thuis te eten. Dat was een hele ervaring. Onze handen werden door de gastvrouw gewassen en daarna werd het eten opgediend. Wat ons opviel was dat men trots was op hun bezitting en dat ze geen enkel probleem hadden met het fotograferen daarvan. De laatste zondag werden we uitgenodigd bij één van de ouderlingen thuis. Dit was wat verder weg dus mochten we de auto van de voorganger lenen. Of Jurgen die wilde besturen… Geen stuurbekrachtiging, geen handrem, remblokken zo goed als versleten, koppeling… euh, gewoon een beetje harder duwen. En dan de weg! Wauw, autocross trajecten zijn er niets bij. Maar goed, ze wilde ons de wandeling besparen want dat zijn mzungus niet gewend. De andere leiders van de kerk kwamen 40 minuten later aan met de boodschap dat de wandeling goed voor hen was. De terugweg bestuurde de voorganger de auto zelf. Zijn kinderen reden ook gelijk mee. Tien mensen passen toch makkelijk in zo’n auto? In Afrika wel.

Hoe vonden de kinderen het?
Vanya had het erg naar haar zin. Zo verteld ze dat ze allerlei knutsletjes maakte met betrekking op de Afrikaanse culturen. Ook vond ze het interessant om te leren wat ze wel en wat ze niet moeten doen. Zo is het in de Afrikaanse cultuur niet gebruikelijk dat kinderen de oudere mensen recht aankijken. Ook het zomaar aanspreken van een oudere is niet gebruikelijk. Vanya zegt dat ze blij is om dat al vast maar te weten.

Issa: ‘Er was een heel leuke speeltuin en het eten was lekker. Ik heb ook nieuwe vrienden gemaakt. We hebben geleerd over 14 verschillende dieren en landen.’

Abbey: ‘Ik vond het leren over andere landen leuk. Ook het doen van projecten was leuk. De tussendoortjes waren lekker en we deden ook spelletjes.’

Dani: ‘Juf heeft een boekje gegeven en dat was alles van ABO.’

Siemen: ‘…. ‘

Antananarivo (Tana), Madagaskar
Op vrijdag 6 november zijn we doorgereisd naar onze bestemming Tana, Madagaskar. We hebben het hier goed en gaan morgen even een wandeling maken over de plaatselijke markt. De kinderen genieten van het spelen met hun nieuwe vriendjes.

We proberen zo nu en dan te filmen. Als de elektriciteit en het internet het toestaan zullen we de filmpjes uploaden zodat u het kunt bekijken op onze multimedia pagina.

Taalstudie en introductie
We doen ons best om het Malagasy te leren. Dat gaat nog niet zomaar. Hoewel ik (Jurgen) geen Frans gehad heb op school kan ik toch aardig volgen wat Katja zegt. Dit komt omdat we overeenkomsten hebben in taal. Deze overeenkomsten heeft het Malagasy niet. Geen enkel kapstok om bepaalde woorden of zinnen aan op te hangen en geen enkele overeenkomst met de westerse grammatica. We doen gewoon ons best en dat loont want sommige woorden en zinnen lukken al een beetje. Woorden zoals ‘goede dag’ (manao hoana), ‘goede dag’ , ‘sorry’ (azafat) en ‘bedankt’ (misaotra anao). Zinnetjes als ‘mijn naam is…’, ‘wat is jou naam?’ en ‘hoe gaat het met je?’, enzovoorts. We vinden het leuk om de nieuwe taal de oefenen en spreken maar het is wel vermoeiend.

Als het goed is komt Anna Jarmy (interim leidster AIM Madagaskar) deze week bij ons langs om een programma met ons op te zetten. Het overgrote deel zal bestaan aan structurele taaloefeningen. We gaan kijken of we een taalhelper kunnen krijgen zodat het één en ander wat sneller gaat. Anna wil ook nog kijken of we een paar dagen bij een Malagasy gezin kunnen verblijven. Dit zodat we de cultuur en het gezinsleven beter gaan begrijpen. Anna heeft al wel gezegd dat het nog niet zo eenvoudig is om een gezin te vinden die zeven mensen kan bergen… We wachten het af.

Visa
We zijn nu vooral bezig om ons tijdelijke visum om te zetten naar een werkvisum. Dit is nog niet zo eenvoudig. We spreken nog geen Malagasy, en Frans wordt moeilijk begrepen (terwijl men dit toch op school geleerd zou hebben). Gelukkig kunnen we hulp krijgen van Parany. Deze man werkt op het AIM kantoor en spreekt aardig Engels. Toch proberen we zoveel mogelijk zelf te doen… Dat is leuk en het helpt bij het ‘inburgeren’. Alleen al de wandeling naar de diverse kantoortjes is een belevenis. De Malagsy begroeten in eerste instantie met ‘bonjour’ maar zijn blij verrast als ze dan in ene ‘Manao Hoana’ of ‘Salama’ te horen krijgen! Nadat al het voorbereidende werk gedaan is geven we de rest van de aanvraag uit handen. Roland is een man die de visa meestal regelt. Hij staat goed bekend bij de grotere kantoren en wordt niet snel van het kasje naar de muur gestuurd.

Eten
Eten kopen is ook leuk. Heerlijke mango’s voor maar € 0,08 per stuk en stokbrood voor maar € 0,11. Er is van alles te koop in de kraampjes. Van de week hadden we 1 kilo tomaten, 1 kilo wortels en zo’n 400 gram sperziebonen voor maar 2400 Ariary (€ 0,67). Andere dingen zijn weer moeilijker te verkrijgen. Volkorenbrood of andere volkoren producten kunnen alleen in de supermarkt gekocht worden. Daar betaal je dan ook gelijk een stuk meer voor.

Andere cultuur!
Dat we in een andere cultuur zijn aanbeland is wel duidelijk. We hebben al twee keer spontaan bezoek gehad. Dat betekend dat je alles even neerlegt en koffie gaat maken. Koekjes erbij en kletsen maar. Dat laatste is natuurlijk minder eenvoudig maar doordat we de simpele regels van de cultuur volgen brengen we het er toch goed vanaf. De schaal met koekjes staat op tafel en nadat we de gasten eerst aanbieden nemen we zelf. Natuurlijk moeten de koekjes wel op! Iets dat de kinderen niet erg vinden. Later in de week gingen Vanya en Jurgen op bezoek. Er stonden zes glazen op tafel dus waar waren de andere gezinsleden? Na uitgelegd te hebben dat Katja en de andere kinderen wel heel moe waren en dat Jurgen daarom besloten had om alleen de oudste mee te nemen was er een algemene instemming en opluchting. Instemming omdat Jurgen de oudste (Vanya) als vertegenwoordiger had meegenomen en opluchting omdat het dus niet aan de gastheer lag. Op Madagaskar is, in tegenstelling tot Kenia, het oudste kind belangrijk. Werden we in Kenya ‘vader of moeder van Issa’ genoemd, hier worden we ‘dadda/mamma nie Vanya’ (vader of moeder van Vanya) genoemd.

Als u wilt weten wat nu de grootste verschillen zijn in cultuur dan kunnen we u Sarah A. Lanier’s boekje, ‘Foreign to Familiar’ (te verkrijgen via o.a. Amazon) aanraden. Sarah heeft elf jaar in Nederland gewoond en kan daardoor heel goed uitleggen, met Nederland als prima contrast, wat de verschillen zijn vergeleken met warmere landen.

Het is leuk om alles dat we geleerd hebben over culturen nu ook écht te zien gebeuren. Tegelijkertijd zijn we aan het eind van de dag vreselijk moe. Het einde van de dag is hier rond 18:00, dan is het donker en het wordt ’s ochtends om 05:20 weer licht. Ons ritme is dus veranderd. We staan rond 06:00 op en gaan rond 20:30/21:00 naar bed.

We zouden nog veel meer kunnen vertellen maar dat bewaren we voor een volgende keer.

We wensen u Gods rijke zegen toe of wel ‘Andriamanitra ny fitahian’.

Voorbereidingen

Voorbereidingen

Het vertrek naar Madagaskar komt al dichterbij. We bereiden ons als gezin al jaren voor op die grote stap en doen dat – naarmate de tijd vordert – al intensiever. Maar hoe doen we dat?

Tweetaligheid

De zendingstaal is Engels. Alle toekomstige collega’s en hun kinderen communiceren met elkaar in deze taal. Vandaar dat wij onze kinderen tweetalig opvoeden. Vanaf een jaar of 3 – wanneer ze het Nederlands voldoende beheersen – spreekt Katja zoveel mogelijk Engels met ze. Nadat ze goed hebben leren lezen en schrijven in het Nederlands leren we hen hetzelfde in het Engels. Dit werkt tot nog toe goed. Onze kinderen kunnen zich in 2 talen goed verstaanbaar maken en hebben voldoende vertrouwen in hun vaardigheden. Ze zullen straks in ieder geval kunnen praten met kinderen van andere zendelingen op het veld.

Cultuurvaardigheid

Wat leven we in een ‘kleine’ wereld! Als we de vergelijking maken met hoe het was toen wij nog op de basisschool zaten en nu dan zien we dat de rest van de wereld een stuk dichterbij is gekomen. Nederlandse kinderen ondervinden bijna dagelijks wat een multiculturele samenleving inhoudt en weten meer over wat er elders gebeurt dan wij vroeger.

Omdat wij als gezin ook daadwerkelijk de sprong wagen in een andere cultuur te gaan wonen lezen we veel over de verschillende werelddelen, culturen en religies. We willen ze zo een stevige kapstok geven voor hun toekomstige ervaringen. Vanzelfsprekend lezen we boeken over Madagaskar in het bijzonder en leren zo alvast het een en ander over de boeiende culturen op het eiland. Op het moment genieten we van een serie kinderprogramma’s, getiteld ‘Bo & Melle in Madagaskar’, waarvan u een aantal filmpjes kunt zien via onze multimediapagina. De moeite waard!

Eigen identiteit

Kinderen van zendelingen hebben door de bank genomen meer identiteitsproblemen dan kinderen die geen internationale verhuizing(en) hebben meegemaakt. Ze leven vaak tussen meerdere culturen en weten niet waar thuis is. De banden met het land van hun nationaliteit zijn vaak minder sterk dan met het land waar ze jaren hebben gewoond.

Behalve bewustwording van de gastcultuur leggen we daarom veel nadruk op de eigen cultuur. Door middel van geschiedenislessen, het vieren van typisch Nederlandse feesten en het houden van vaste gebruiken binnen en buiten het gezin versterken we bewust onze identiteit als gezin, familie, christenen, Heldenaren, Nederlanders en Europeanen. Zo hopen we dat de eigen cultuur blijft passen als een vertrouwde oude jas.

Wat wij gaan doen

Wat wij gaan doen

Wanneer wij in Antananarivo (Tana) aankomen worden we ingevoegd in het Tana FOCUS team. Dat team heeft de visie Malagasy christenen op te leiden tot zendelingen in eigen land, vervolgens hen te begeleiden wanneer zij werken onder de onbereikte bevolkingsgroepen op het eiland en uiteindelijk hen te bemoedigen zending te gaan bedrijven in Indonesië, waar de wortels van veel Malagasi liggen (zie het artikel over Madagaskar). Het is de visie van AIM om waar mogelijk samen te werken met de plaatselijke kerk. We vinden dit dan ook een geweldig initiatief en werken er graag aan mee.

Tijdens ons verblijf in Tana zullen we flink aan taalstudie doen en ons verdiepen in de cultuur en geschiedenis van Madagaskar. Ondertussen blijft Katja ook het onderwijs van de kinderen verzorgen.

De leidinggevende over het werk van AIM op Madagaskar heeft voorgesteld dat wij daarnaast gaan helpen bij het verder in kaart brengen van de onbereikte bevolkingsgroepen op het eiland en het onderzoeken naar de mogelijkheden tot zending onder hen. Zodoende zullen we verschillende locaties en bevolkingsgroepen bezoeken. Op termijn is de hoop dat wij een nieuw team gaan starten op één van die locaties.

Samengevat is dit waar we mee bezig gaan:
– het opleiden van Malagasi christenen tot zendelingen;
– taalstudie;
– oriëntatie op de geschiedenis en cultuur van Madagaskar;
– helpen onbereikte bevolkingsgroepen in kaart te brengen;
– op termijn een nieuw team opzetten onder een onbereikte bevolkingsgroep;
– terwijl Katja de kinderen voorziet van onderwijs.

Bestemming bekend!

Bestemming bekend!

We hebben er drie maanden op moeten wachten, maar nu is het bekend: we gaan naar Madagaskar! Als alles loopt zoals het moet zullen we in januari 2015 vertrekken naar Betroka in het zuiden van Madagaskar. We gaan daar het team versterken, dat sinds 2013 vanuit Betroka zendingswerk doet onder de Bara.

De Bara zijn een onbereikt volk, wat betekent dat ze geen toegang hebben tot het evangelie. Er zijn nauwelijks christenen onder de Bara en de christenen uit andere stammen besteden geen aandacht aan hen. De Bara zijn moeilijk bereikbaar: ze wonen verspreid in nederzettingen in de heuvels van 50 tot 300 mensen. Deze kleine dorpjes zijn alleen lopend te bereiken.

Juist het feit dat de Bara onbereikt zijn, maakt dat wij graag onder hen willen dienen. De Bara zijn animisten, wat betekent dat ze leven in angst voor de geestenwereld. Om dan te horen dat Jezus Heer van de schepping is en zelfs de dood heeft overwonnen zal meer dan bevrijdend zijn. Meer informatie over de Bara (in het Engels) kunt u vinden op deze gebedspagina.

Voorbereid op weg

Voorbereid op weg

Van 13 tot en met 16 april hebben we deelgenomen aan een voorbereidingscursus voor nieuwe leden van Africa Inland Mission (AIM). We zijn daar enorm bemoedigd, vooral door het ontmoeten van andere christenen uit andere landen met hetzelfde doel voor ogen: het delen van het evangelie van Jezus in Afrika.

Er kwamen veel praktische onderwerpen aan bod, onder andere gezondheid, veiligheid, communicatie, omgaan met internationale verhuizingen en culturele verschillen. We zijn ons nog meer bewust van de offers die gevraagd worden, maar des te enthousiaster ook daadwerkelijk te gaan. Voor de kinderen liep er een parallel programma, waarvan ze erg hebben genoten.

We hebben ook de kans gehad te spreken met de personeelsdirecteur. Wij willen graag weten of we terecht kunnen in een team op Madagaskar. Het is ons duidelijk geworden dat men nog niet inhoudelijk naar ons aanbod heeft gekeken, omdat er zorgen waren omtrent de scholing van de kinderen. De lerares die werkt binnen het team kan namelijk niet nog meer kinderen onderwijzen. De regioleider is nu gemaild dat dit juist geen probleem is voor ons, omdat we zijn ingesteld op en voorbereid om de kinderen thuis te onderrichten! De personeelsdirecteur hoopt met ons dat een en ander nu spoedig duidelijk wordt en hij spant zich daartoe ten volle in.

Wordt vervolgd…